WHO stelt ICD 11 vast: genderdysforie staat daarmee niet langer in hoofdstuk mentale stoornis
De op 18 juni 2018 door de WHO gelanceerde ICD 11, is op 25 mei 2019 door het ICD Comité van de WHO vastgesteld.
De ICD is de internationale classificatie van ziekten. Belangrijkste verandering voor ons is, dat in deze classificatie alle transgerelateerde diagnoses (genderdysforie) zijn verwijderd uit het hoofdstuk psychiatrische/mentale aandoeningen. Genderdysforie wordt dus volgens de ICD 11 niet meer als een mentale ziekte gezien. In de ICD 11 is genderdysforie hernoemd tot incongruentie van het geslacht (Gender incongruentie).
Er is een nieuw hoofdstuk toegevoegd aan het hoofdstuk ‘Conditions related to sexual health’, namelijk Gender incongruentie met twee sub-hoofdstukken: Gender incongruentie bij volwassenen en adolescenten (HA 60) en gender incongruentie bij kinderen (HA61). Ben je benieuwd naar de tekst? Zie hier. De opname in het hoofdstuk ‘Conditions related to sexual health’ zal ongetwijfeld ook weer verwarrend kunnen werken en tot discussie kunnen leiden, omdat genderidentiteit en seksualiteit toch twee verschillende dingen zijn.
Wat betekent dit op dit moment? De beslissing van de WHO is een belangrijke stap voorwaarts in de strijd van transgenders voor gelijke rechten wereldwijd! Hoe gaat het nu verder? Levert dit morgen al wat op? Niet direct want de ICD 11 wordt pas van kracht op 1 januari 2022. Dat geeft landen de tijd zich op wijzigingen voor te bereiden, de ICD 11 te vertalen en gezondheidswerkers te trainen. (Om het in perspectief te zien in 1990 schrapte de WHO ‘homoseksualiteit’ uit de lijst van mentale ziekten).
Lisa (voorzitter Transvisie) reageert op deze vaststelling: “Ik ben blij met deze duidelijke stap van de WHO. Transgender personen horen niet thuis in het hokje met psychische problemen. De ICD blijft door de vermelding van genderincongruentie erkennen dat wij behoefte aan zorg kunnen hebben. Dat is belangrijk voor de toegankelijkheid en beschikbaarheid van deze zorg. Tegelijk is er hierdoor een extra reden om transgenderzorg in te richten vanuit de erkenning van de behoefte van transgender personen, zonder hen daarvoor eerst een psychiatrische diagnose op te plakken. Wat mij betreft zijn zorgaanbieders nu aan zet om de psycholoog echt een begeleider te maken in plaats van de beoordelaar die hij nu nog te vaak is“.
READ MORE
Risico op borstkanker bij transgender mensen heeft relatie met de te gebruiken geslachtshormonen
Er is in Nederland door het AUMC (VUmc) een landelijk onderzoek uitgevoerd naar borstkanker bij transgender mensen die gelachtshormonen gebruiken. Uit dit onderzoek blijkt dat het gebruik van deze hormonen een rol kunnen spelen bij het risico op borstkanker. Borstkanker is bij cis vrouwen een veelvoorkomende vorm van kanker, terwijl deze vorm van kanker bij cis mannen juist zeldzaam is. Door her gebruik van geslachtshormonen zie je bij de transgender vrouwen een toename van het risico op borstkanker. Echter deze toename is nog altijd veel minder als het risico bij cisgender vrouwen. Het risico op borstkanker bij transgender mannen is juist lager dan bij cis vrouwen, maar nog vele malen hoger dan bij cisgender mannen.
Het volledige artikel is vrij toegankelijk te vinden op de website van BMJ.
Een en ander kan gevolgen hebben voor voor deelname aan bevolkingsonderzoeken. Transvrouwen wordt aangeraden deel te nemen aan de reguliere bevolkingsonderzoeken voor cis vrouwen ten behoeve van het vroegtijdig opsporen van borstkanker. Transgender mannen die een mastectomie hebben gehad wordt aangeraden alert te zijn op veranderingen aan tepel of resterend borstweefsel. Indien geen mastectomie is uitgevoerd is het verstandig (te blijven) deel nemen aan de bevolkingsonderzoeken voor cis vrouwen.
READ MORE